Kampeertips

Stormvast kamperen: zo staat je tent morgen nog overeind

Reinier Tijssen Reinier Tijssen 12 August 2026 3 min lezen
Stormvast kamperen: zo staat je tent morgen nog overeind

Wat je doet als er wind wordt voorspeld op de camping. Welke haringen, welke hoek, welke lijnen – en de fout die bijna iedereen maakt.

Er is een moment dat elke kampeerder kent. Je zit 's avonds in de tent, je hoort het waaien, en je denkt: houdt dit?

Meestal wel. Maar de dingen die het verschil maken, doe je 's middags – niet 's nachts in je onderbroek met een zaklamp.

Het is niet de kracht, het is de ruk

Een tent bezwijkt zelden onder constante wind. Hij bezwijkt onder rukwinden. Een strak gespannen tent verdeelt die klap over alle scheerlijnen tegelijk. Een slappe tent laat de klap ergens aankomen, meestal op één haring, en die geeft het op.

Daarom is nastellen belangrijker dan bijkopen. Een strakke lijn trekt gelijkmatig; een slappe lijn rukt.

De hoek is belangrijker dan de lengte

Dit begrijpen de meeste mensen verkeerd. De haring moet haaks op de scheerlijn staan, niet recht in de grond. Ongeveer 45 graden, met de kop van de tent af.

En hoe verder de haring van de tent staat, hoe vlakker de lijn loopt – en hoe meer van de kracht naar beneden gaat in plaats van omhoog. Een haring die naar beneden belast wordt zit muurvast. Een haring waar bijna verticaal aan getrokken wordt, komt er vroeg of laat uit, hoe lang hij ook is.

Vijf meter scheerlijn in plaats van drie doet dus meer dan vijf centimeter extra haring. Daarvoor zijn de lange scheerlijnen er.

Welke haringen bij wind

Op gewone campinggrond wil je lengte en oppervlak. De 26 cm stormharing is precies daarvoor gemaakt: brede stegen, genoeg lengte om diep genoeg te komen, en toch licht genoeg om mee te nemen.

Op harde of steenachtige grond werkt het omgekeerde. Daar kom je met een breed profiel niet ver genoeg de grond in, en zit je beter met een massieve rotspen die er wél tussen wringt.

In zand geldt: langer én breder, plus de mogelijkheid om dwars in te graven.

De vijf dingen die je doet als er wind komt

  1. Span alle lijnen na. Alle, niet alleen de hoeken. Twee minuten werk.
  2. Zet de tent met de kleinste kant in de wind. Als je nog kunt draaien.
  3. Dubbel de windzijde. Twee haringen per hoekpunt, licht uit elkaar en allebei onder de juiste hoek.
  4. Verleng de belangrijkste lijnen. Vlakker is beter.
  5. Haal spullen van de luifel af. Een luifel is een zeil, en een zeil vangt alles.

En als het echt tekeergaat

Laat de tent staan en ga niet aan de constructie hangen. De meeste schade ontstaat doordat mensen 's nachts in paniek stokken losmaken.

Wat wel helpt: leg zwaar spul aan de windzijde binnen in de tent, laat ventilatieopeningen aan de lijzijde open zodat de druk eruit kan, en maak de luifel los als die klappert.

De precieze werkwijze voor het zetten van haringen staat stap voor stap op de instructiepagina. En als je niet zeker weet welke haring bij jouw tent en ondergrond past: de keuzehulp zegt het in vier vragen.

Deel dit artikel Link gekopieerd
Reinier Tijssen, oprichter van Haringboer

Geschreven door

Reinier Tijssen

Productontwerper & oprichter Haringboer®

Ontwerpt sinds 2013 tentharingen die niet buigen, niet zoekraken en niet aan je vingers trekken. Werkt vanuit Zwolle aan slimme kampeertools, samen met zijn producent en studenten.

Lees meer over Reinier

Klaar om je tent bombproof te verankeren?

Weet je niet welke haring bij jouw tent en ondergrond past? Doe de keuzehulp en je weet het in twintig seconden.